Nederlandse kledingmerken betalen vrouwen hongerloon

gepubliceerd 01-09-2009 03:00, Laatste wijziging: 18-02-2014 16:41
logo_sm1PERSBERICHT

Onderzoek: C&A;, M&S; Mode, Miss Etam, Prénatal, WE schenden mensenrechten

Nederlandse kledingmerken betalen vrouwen hongerloon


Amsterdam/Dhaka/Delhi, 2 september 2009 - Vrouwen in Azië die voor Nederlandse merken kleding produceren krijgen veel te weinig betaald om van te leven. Dit blijkt uit onderzoek dat is uitgevoerd in opdracht van de Schone Kleren Campagne (SKC). De vrouwen verdienen maximaal tussen de 25 en 51 euro per maand in de fabrieken waar kleding wordt gemaakt voor C&A;, J.C. Rags, M&S; Mode, Miss Etam, Prénatal en WE. SKC roept de Nederlandse kledingindustrie op een eind te maken aan deze wantoestand.

De arbeiders in Bangladesh die de kleertjes van Prénatal maken verdienen gemiddeld 29,89 euro per maand. Dat is ver onder het leefbaar loon in dat land en evenveel als één babybroek met truitje kost uit het middensegment van de Nederlandse webshop. Het leefbare loon per persoon is in Bangladesh 53 euro en voor een gezin van vier 89 euro per maand. Een leefbaar loon is door de Verenigde Naties vastgesteld als mensenrecht in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

Uit het SKC-onderzoek, waarbij 392 arbeid(st)ers in zeventien fabrieken zijn geïnterviewd over hun arbeidsomstandigheden, blijkt ook dat meer dan driekwart van de arbeiders die in India voor Miss Etam kleding naait, zelfs minder krijgt betaald dan het (toch al veel te lage) wettelijke minimumloon: zij ontvangen tussen de 37 en 51 euro per maand, terwijl een gezin van vier leden minstens 103 euro nodig heeft. Een arbeidster die voor C&A; in Bangladesh produceert zegt: “We maken kleren voor anderen, maar we kunnen zelf geen kleren kopen. We zijn in nood want de prijzen zijn zo hoog dat we zelfs geen rijst kunnen kopen.”

Schrijnend is dat vrouwen, die het merendeel vormen van de arbeiders, nog slechter worden betaald dan hun mannelijke collega’s die hetzelfde werk doen. Dit zegt bijvoorbeeld 85 procent van de in Bangladesh ondervraagde vrouwen die voor M&S; Mode kleding maakt. Ook blijkt uit het onderzoek dat (seksuele) intimidatie regelmatig voor komt: “Als ik een keus had, zou ik niet in de kledingsector werken. De opzichters slaan soms en de mooie meisjes proberen ze seksueel te misbruiken. Protesteren durven we niet, dan verliezen we onze baan,” zegt een arbeidster die voor babykledingmerk Prénatal produceert.

SKC roept de Nederlandse kledingindustrie op om een eind te maken aan de hongerlonen. “Het zijn schandelijke omstandigheden waar deze merken in hun Nederlandse filialen nooit mee zouden kunnen wegkomen,” aldus woordvoerder Marieke Eyskoot. “Merken produceren vaak in dezelfde fabrieken en kunnen dus samen zorgen voor verbeteringen, zonder dat dit hun concurrentiepositie schaadt. Zij hebben de macht, middelen en verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat de mensen die hun kleding maken niet langer worden uitgebuit.”

Naar aanleiding van het SKC-onderzoek zegt kledingmerk J.C. Rags de problemen rond de beroerde arbeidsomstandigheden structureel te willen aanpakken.

Om een indruk te krijgen van het barre bestaan in de kledingfabrieken maakt SKC het mogelijk om via Hyves, Twitter, Facebook en de website www.sweatsoap.nl het dagelijkse leven te volgen van een Bengaalse arbeidster die voor Nederlandse winkels kleding maakt.