Srieng Mouykim, arbeidster in de Goldfame Manufacturing Knitters fabriek

gepubliceerd 14-09-2012 13:20, Laatste wijziging: 20-09-2012 10:22
Srieng Mouykim werkt in de Goldfame fabriek. Deze Inditex leverancier (Zara, Mango) haalde in september 2010 de voorpagina’s met een grote staking. Als vergelding voor dit protest ontsloeg de directie 160 vakbondsleiders en arbeiders. Dankzij de inspanningen van de vakbond en de internationale druk op de merken mochten werknemers uiteindelijk weer aan het werk. Dat wil niet zeggen dat alles weer koek en ei is voor Mouykim.
Srieng Mouykim, arbeidster in de Goldfame Manufacturing Knitters fabriek

Srieng Mouykim en haar twee neefjes

'Ik werk sinds 2004 bij Goldfame. Ik had besloten om hier te solliciteren omdat iemand me vertelde dat de werkomstandigheden beter waren dan in de Chinese fabriek waar ik daarvoor werkte. Maar ik was teleurgesteld. Zelfs hier krijg ik alleen het minimumloon en is het onmogelijk om mijn gezin te voeden met zo weinig geld.'

Met een maandloon van 65,- euro inclusief alle bonussen, worstelt Mouykim elke dag om haar eerste levensbehoeften te dekken.

'Ik heb drie kinderen die willen eten en naar school moeten. Het geld dat ik bij Goldfame verdien is net genoeg om deze uitgaven te dekken. We hebben geen andere keus dan bij mijn moeder in huis te wonen om huurkosten te vermijden. We wonen daar met mijn moeder, mijn zus en haar twee zonen. Mijn zus werkt ook in de Goldfame fabriek, dus we kunnen een aantal kosten delen voor ons zevenen. Maar zelfs dan heb ik geen geld om medicijnen te kopen voor mijn zoons en voor mijn moeder. En het huis is zo oud dat we regelmatig moeten betalen voor reparaties. Het dak lekt, dus we moeten geld zien te vinden om het te repareren.'

Van maandag tot en met zaterdag worden Mouykim en haar zus om half zes 's ochtends wakker om de vrachtwagen te nemen die de arbeiders naar de fabriek brengt. Ze kunnen hun kinderen nauwelijks zien, maar vertrouwen hun oude moeder de zorg voor de kinderen toe.

"Natuurlijk, wil ik ze vaker zien. Maar ik moet elke dag werken om de 5 euro aanwezigheidsbonus te krijgen. En als ik kon zou ik overwerken om nog meer extra geld te verdienen. Met 92 euro zou ik alle basisbehoeften kunnen betalen en beter eten kopen. Helaas is in de fabriek overwerken niet toegestaan. Ze geven er de voorkeur aan om anderen in te huren. Dat is goedkoper voor hen. Om rond te komen moet ik geld lenen. Iedereen bij Goldfame zit in de schulden. Ik ben geld aan al mijn buren in het dorp verschuldigd.'

Geld besparen is een doel op zich als je moet leven van minder dan 76 euro per maand. Mouykim koopt nooit nieuwe kleren voor zichzelf of haar kinderen. Twee keer per jaar koopt ze een handjevol tweedehands kleding. Voor eten houdt ze dagelijks minder dan een euro over.

'Het voedsel dat ik me kan veroorloven is beperkt. Alleen een beetje rijst en groenten. Het is niet goed genoeg voor de kinderen, maar we hebben geen keus. Eten is erg duur geworden. Een jaar geleden kostte een kleine soep nog 300 Riels. Vandaag de dag is dat 500. Ik kan alleen de goedkoopste variant soep kopen, waar oude groenten en slechte kwaliteit vlees in zit. Het is erg moeilijk om te werken met zulke slechte maaltijden. Ik ben nu 44 en het wordt steeds moeilijker voor mij om in de Goldfame fabriek te blijven. Als ik de fabriek kon verlaten en verkoopster zou kunnen worden zou ik niet aarzelen. Maar ik moet vechten voor mijn kinderen. Ik wil dat ze naar school gaan en kunnen studeren om een betere baan te vinden dan die van mij. Alles behalve kledingarbeider zou goed zijn zolang ze maar een beter loon krijgen.'

Srieng Mouykim’s woning
Srieng Mouykim's woning

Mouykim vindt het leven als kledingarbeidster zwaar en voelt zich totaal vervangbaar.

'Ik ben er zeker van dat de mensen op de hoofdkantoren niets over onze levensomstandigheden weten. Ze zijn zich niet bewust van de problemen die we in de fabriek hebben. Alleen de lokale managers weten wat we doorstaan. Maar hun kan het niets schelen en bovendien beheren ze vaak nep vakbonden om zo onze lonen laag te houden. We hebben hulp nodig uit het buitenland om aan de consumenten te vertellen dat onze lonen te laag zijn. En dat de druk op onze vakbond ondraaglijk is.'

Ze is blij dat er tenminste wel een vakbond is.

'De C.CAWDU vakbond is erg belangrijk voor ons. Er zijn vijf andere vakbonden in de fabriek, maar ik vertrouw alleen op C.CAWDU. Voor hun komst kreeg ik alleen kortdurende contracten van een paar maanden. Nu heb ik een contract voor een jaar. Als mijn contract niet wordt verlengd is de ontslagvergoeding verhoogd. Ik kan nu op medische gronden een dag vrij nemen zonder de hele aanwezigheidsbonus te verliezen. En de managers schreeuwen niet meer tegen me als ik ziekteverlof vraag.'

Leefbaar Loon Heel Gewoon

Teken onze petitie voor een leefbaar loon!