Winst stuntsupers Aldi en Lidl door misbruik vrouwen

gepubliceerd 10-02-2009 11:10, Laatste wijziging: 18-02-2014 16:41
De winst die stuntsupermarkten Aldi en Lidl maken op kledingverkoop wordt behaald door onderbetaling en misbruik van vrouwen. Dit blijkt uit een zorgvuldige internationale studie die de Schone Kleren Kampagne heeft laten uitvoeren.

Marieke Eyskoot, campagnecoördinator: "Terwijl door de financiële crisis wereldwijd de broekriem wordt aangehaald, betalen vrouwelijke arbeiders en hun families de winsten van de stuntsupers, met hun hongerlonen en gedwongen (gratis) overwerk. Zij kunnen zich dit niet veroorloven – en ze zouden het ook niet moeten hoeven – maar het is de enige manier om wat te verdienen. In Bangladesh heb je minstens € 48 per maand nodig om te kunnen leven; bij een Aldi-leverancier wordt €13,50 betaald. Dit is onacceptabel, juist gezien de crisis.

 

Het rapport "Cashing In" wordt vandaag wereldwijd gelanceerd, als aftrap van de campagne “Better Bargain”. Onderzoekers van de Schone Kleren Kampagne (SKK) spraken met 440 arbeiders uit 30 fabrieken in vier landen: Sri Lanka, India, Bangladesh en Thailand. Kusum, die werkt in een fabriek die Lidl, Carrefour en Wal-Mart bevoorraadt: “Soms kan ik er niet meer tegen en begin ik te huilen. Na een tijdje herpak ik mezelf dan weer. Ik heb geen keus, ik moet blijven werken.” Aldi en Lidl hebben niet inhoudelijk op de onderzoeksresultaten gereageerd.

Kledingarbeiders hebben volgens de VN's Universele Verklaring van de Rechten van de Mens recht op een leefbaar loon: een inkomen dat in hun basisbehoeftes en die van hun families voorziet. Ook hoort hun gemiddelde werkweek maximaal 48 uur te duren. SKK's onderzoek laat zien dat deze rechten van ze worden afgepakt. Ten eerste zijn de lonen zo laag dat de arbeiders geen kans hebben een leefbaar loon te verdienen, hoe hard ze ook werken.Ten tweede worden ze van hun vrije tijd beroofd door managers die hen dwingen tot overwerk. Van de tien onderzochte bedrijven in Bangladesh had geen enkele een werkweek van minder dan 60 uur; meer dan de helft ging hier overheen, en in vier gevallen was de gemiddelde werkweek zelfs meer dan 80 uur. Ten derde worden ze dikwijls niet eens betaald voor de extra uren die ze draaien. Eyskoot: “Waar wij hier in het Westen voor overwerk een hoger uurloon ontvangen dan normaal, krijgen ze er in de onderzochte fabrieken vaak helemaal niks voor.

De overgrote meerderheid van kledingarbeiders – ongeveer 80 % - is vrouw. Dit is geen toeval. De stuntsupers trekken vrouwen niet uit de armoede, ze profiteren er juist van. Vrouwelijke arbeiders hebben een grotere kans op een veel te laag loon of gedwongen overwerk, omdat ze zwakker staan in de samenleving. Die schendingen hakken er nog eens extra in, omdat ze na het werk ook nog voor de hele familie moeten zorgen - als ze hun baan bij zwangerschap al mogen houden. Een positie die ervoor zorgt dat de vrouwen geen andere keuze hebben dan elke vorm van arbeid te accepteren – onder welke omstandigheden dan ook.

Aldi en Lidl hebben ogenschijnlijk genoeg geld om de arbeiders naar behoren te betalen. Hun jaaromzet is groter dan het BNP van een aantal kledingproductielanden. Zo bedroeg de jaaromzet in 2007 van Aldi € 47 miljard en van Lidl € 52 miljard, terwijl het BNP van bijvoorbeeld Sri Lanka € 22 miljard was. Aldi rapporteert over 2008 een verkoopsstijging van 24,8%. Hun marktaandeel is in vele landen groot. Hun strategie: gebruik je omvang om de baas te spelen over je leveranciers en dwing ze tot lagere prijzen. Aldi had in 2008 430 winkels in Nederland, Lidl 92.

De Schone Kleren Kampagne heeft het verbeteren van de arbeidsomstandigheden en de positie van arbeiders in de wereldwijde kleding- en sportschoenenindustrie tot doel. Het is onderdeel van de Clean Clothes Campaign, die actief is in 12 Europese landen en een netwerk van 300 organisaties wereldwijd coördineert.