Benetton blijft beloftes breken

gepubliceerd 20-03-2014 14:45, Laatste wijziging: 20-03-2014 14:45
Amsterdam - Bijna een jaar nadat het Rana Plaza in Bangladesh instortte – de ergste ramp in de kledingindustrie ooit - blijft Benetton pertinent weigeren compensatie te betalen aan de slachtoffers en nabestaanden. De Schone Kleren Campagne roept het kledingbedrijf daarom op direct $5 miljoen te storten in het Rana Plaza Donor Trust Fund.

Benetton ontkende in eerste instantie dat ze bij een van de Rana Plaza fabrieken kleding lieten maken. Pas nadat kledingstukken met het kenmerkende groene merklabel in het puin werden aangetroffen erkende het bedrijf er wel producten te hebben laten maken. Benetton moet daarom bijdragen aan het onlangs opgerichte fonds waaruit slachtoffers worden gecompenseerd. Want de nabestaanden van de 1138 omgekomen en de meer dan 2000 gewonde kledingarbeiders zitten al te lang zonder inkomsten.

Schone Kleren Campagne roept Benetton op slachtoffers Rana Plaza te compenseren

Ondanks dat Benetton deelnam aan het Rana Plaza Coordinatie Comittee dat was opgericht om een compensatieregeling op te stellen, weigerde het bedrijf de regeling te ondertekenen en trok zich terug. Tot op de dag van vandaag vertikt het bedrijf bij te dragen aan het compensatiefonds. Er is in totaal $40 miljoen nodig om alle slachtoffers en nabestaanden compensatie uit te betalen. Een aantal merken, waaronder Mango, Inditex (eigenaar van Zara) en C&A Foundation hebben wel een substantiële bijdrage gedaan. Benetton mag niet achterblijven!

Christa de Bruin, woordvoerder Schone Kleren Campagne, zegt: We roepen Benetton op een bijdrage van ten minste vijf miljoen dollar te doen aan het fonds waaruit slachtoffers en nabestaanden worden uitbetaald. We verwachten dat andere merken die inkochten bij Rana Plaza hetzelfde doen.”

Benettonfabrieken onder de radar

Daarnaast bleek deze week dat Benetton ook haar verplichtingen wat betreft het Bangladesh Veiligheidsakkoord niet voldoende nakomt. Italiaanse onderzoeksjournalisten toonden aan dat Benetton heeft verzuimd al haar productielokaties in Bangladesh door te geven.

Christa de Bruin: “Het is duidelijk dat Benetton nog steeds niet haar verantwoordelijkheid neemt voor de arbeiders die hun kleding maken. De Schone Kleren Campagne vertrouwt erop dat het Akkoord ervoor zorgt dat de fabrieken alsnog worden opgenomen in het schema van inspecties.

Onder druk van een wereldwijde campagne waarbij meer dan een miljoen handtekeningen werden opgehaald ondertekende Benetton in mei 2013 het Bangladesh Veiligheidsakkoord. Dit akkoord is een baanbrekend initiatief voor veilige fabrieken in Bangladesh. Het bekendmaken van alle productielocaties is een afspraak die in het Akkoord is vastgelegd. Uit de documentaire blijkt dat ten minste twee van de fabrieken waar Benetton inkoopt niet op de lijst van de te inspecteren fabrieken voorkomen. Met deze nalatigheid overtreedt Benetton niet alleen het juridisch bindend akkoord, maar houdt het bedrijf ook risicovolle omstandigheden voor kledingarbeiders in stand.

Schone Kleren Campagne en International Labour Rights Forum roepen mensen op de Pay Up-campagne te steunen door de petitie te tekenen: http://laborrights.org/benettonpayup

Noten

Het Bangladesh Veiligheidsakkoord is een juridisch bindende overeenkomst tussen meer dan honderdvijftig merken en (lokale en internationale) vakbonden met als doel de veiligheid in Bengaalse kledingfabrieken te verbeteren: www.bangladeshaccord.org

Zevenentwintig merken zijn direct gelinkt aan de fabrieken in Rana Plaza door middel van productie ten tijde van de ramp, proeforders of productie voorafgaand aan de ramp. Wij vinden dat ze moeten bijdragen aan het Rana Plaza Donor's Trust:

Adler Modemärkte (Duitsland), Auchan (Frankrijk), Ascena Retail (VS), C&A (Belgie), Benetton (Italie), Bon Marche (UK) , Camaieu (Frankrijk), Cato Fashions (VS), The Children’s Place (VS), LPP (Cropp, Polen), El Corte Ingles (Spanje), Gueldenpfennig (Duitsland), Inditex (Spanje), Loblaws (Canada), Kids for Fashion (Duitsland), Kik (Duitsland), Mango (Spanje), Manifattura Corona (Italie), Mascot (Denemarken), Matalan (UK), NKD (Duitsland), Premier Clothing (UK), Primark (UK/Ierland), Grabalok (UK), PWT (Denemarken), Walmart (VS) en YesZee (Italie).

Het Rana Plaza Arrangement is een overeenkomst ondertekend door de Bengaalse overheid, Bengaalse werkgeversorganisaties, de merken Loblaw, El Corte Ingles, Bon Marche en Primark, IndustriALL Bangladesh, lokale en internationale vakbonden en NGO's waaronder de Schone Kleren Campagne met de International Labour Organisation (ILO) als neutrale voorzitter. De ondertekenaars werken samen aan een eenduidig, geloofwaardig en transparante regeling gebaseerd op internationale standaarden en de Bengaalse wetgeving voor slachtoffers en nabestaanden van de Rana Plaza ramp om compensatie aan te vragen: www.ranaplaza-arrangement.org

In februari 2014 lanceerden de Schone Kleren Campagne en de internationale vakbondskoepels IndustriALL en UNI de “Pay Up” campagne waarbij alle Rana Plaza merken worden opgeroepen te doneren aan het fonds. Zie http://www.cleanclothes.org/ranaplaza