Kledingbedrijven geven geen inzicht in aanpak gedwongen arbeid in India

gepubliceerd 01-04-2014 14:25, Laatste wijziging: 07-04-2014 09:09
De meeste Nederlandse en internationale bedrijven die kleding uit de Zuid-Indiase deelstaat Tamil Nadu importeren, weigeren inzicht te geven in wat zij doen om ‘gebonden arbeid’ bij hun leveranciers te bestrijden. Naar schatting ruim 100.000 jonge kinderen en tienermeisjes zijn het slachtoffer van ‘gebonden arbeid'. Deze meisjes – meestal kasteloos (Dalit) - wonen in hostels, hebben nauwelijks bewegingsvrijheid, en worden onderbetaald voor lange werkdagen.
Kledingbedrijven geven geen inzicht in aanpak gedwongen arbeid in India

Een meisje werkt vanwege de snelheid op rolschaatsen - Foto © Alessandro Brasile

Dat blijkt uit het paper Small Steps, Big Challenges – Update on (tackling) exploitation of girls and young women in the garment supply chain of South India van FNV Mondiaal en de Landelijke India Werkgroep. Het rapport bespreekt de huidige situatie in Tamil Nadu, de beperkte verbeteringen na eerdere rapporten en acties, en de reacties van 21 Nederlandse en internationale kledingmerken op de vraag wat zij doen tegen de misstanden. Ook wordt ingegaan op activiteiten van diverse gezamenlijke initiatieven van bedrijven en andere organisaties.

Nauwelijks ketentransparantie

Van de 21 benaderde kledingbedrijven hebben er 8 gereageerd, waaronder Nederlandse bedrijven als HEMA, O’Neill Europe, PVH/Tommy Hilfiger Europe, Van den Broek en Zeeman. Onder meer IKEA NL, Gaastra, Sorbo Fashion, Teidem en No-Excess reageerden niet op het verzoek om informatie.

Zes bedrijven erkennen dat er schending van arbeidsrechten in Tamil Nadu plaatsvindt, maar alleen PVH/Tommy Hilfiger en Migros geven toe dat gebonden arbeid – in de vorm van het Sumangali Scheme (zie hieronder) – in hun productieketen heeft bestaan. HEMA zegt hierover geen informatie te kunnen delen. Overigens publiceert geen van de aangeschreven bedrijven hun lijst van leveranciers, zoals bijvoorbeeld Nike en H&M doen. Ook heeft geen enkele van deze bedrijven de betrokken lokale organisaties in India geraadpleegd.

Een grote belemmering bij het in kaart brengen van Sumangali of verwante schendingen van arbeidsrechten is dat de meeste bedrijven niet verder controleren dan de eerste leverancier. Veel schendingen vinden echter verderop in de productieketen plaats, met name in de spinnerijen. Alleen Tommy Hilfiger en O’Neill zeggen ook verder in de keten te controleren.

Gebonden arbeid onder de naam van 'sumangali'

De gebonden arbeid vindt vooral plaats via het zogenaamde Sumangali Scheme, waarbij jonge vrouwen in textielfabrieken gaan werken om voor hun bruidsschat te sparen. Dit houdt praktisch in dat zij een flink deel van hun (lage) loon pas krijgen uitbetaald als ze een contract van 3 tot 5 jaar uitdienen. Onder druk van kritiek worden nu nieuwe manieren bedacht om de meisjes ‘vast te houden’, zoals het tot het eind van de contractperiode inhouden van de verplichte sociale zekerheidspremie van werkgevers en werknemers die eigenlijk naar een overheidsinstantie moet.

Zwaar werk voor beschimpte Dalit-meisjes

Zestig procent van de meiden in het Sumangali Scheme zijn Dalits ofwel kastelozen. Zij worden in de spinnerijen en kledingfabrieken gediscrimineerd. Zo krijgen zij krijgen aparte slaapzalen toegewezen. Ook moeten ze meer nachtdiensten draaien. Terwijl meiden van hogere kastes bijvoorbeeld tellen en controleren, doen zij het zware werk zoals het schoonmaken van de spoelen en het opruimen van afval.

Beperkte verbeteringen

Als gevolg van eerdere publicaties en campagnes – zowel in India als internationaal – zijn bij enkele van de eerder onderzochte grote leveranciers verbeteringen in gang gezet. Het betreft Eastman Exports Global Clothing, K.P.R. Mill en SSM India. Maatschappelijke organisaties hebben daar toegang gekregen om productie-eenheden te inspecteren en de werknemers en management te informeren over arbeidsrechten. Bij K.P.R. Mill worden de lonen nu op bankrekeningen van werknemers gezet, hebben de werknemers een identiteitskaart, mogen de ouders wekelijks op bezoek komen en hun kinderen af en toe naar huis.

Voor verder informatie over de initiatieven om sumangali aan te pakken, en aanbevelingen voor bedrijven, lees hier het rapport.